Elke Nederlandse stad met een beetje zelfrespect heeft een eigen lekkernij. Amersfoort heeft de Keitjes, kleine snoepjes die zijn vernoemd naar het grootste en zinlooste voorwerp uit de stadsgeschiedenis, de Amersfoortse Kei.
Waar de naam vandaan komt
In 1661 wedde jonker Everard Meyster dat hij de Amersfoorters zover zou krijgen dat ze een zwerfkei van ruim zeven ton van de heide de stad in zouden slepen. Met de belofte van bier en krakelingen kreeg hij zo’n vierhonderd mensen mee, en op 7 juni werd de steen op een slee de stad in getrokken. De omliggende steden lachten zich rot en Amersfoorters heetten voortaan keientrekkers. Die spotnaam werd een geuzennaam, en de stad heet nog steeds Keistad.
Wat de Keitjes zijn
Het zijn kleine snoepjes in de vorm van keitjes, met verschillende vormen, kleuren en smaken. Je vindt ze in varianten met chocolade, marsepein, vruchtensmaken en noten. Ze worden per zakje verkocht en zijn daarmee het cadeau dat je meeneemt als je uit Amersfoort komt en ergens op bezoek gaat.
Waar je ze koopt
- Bij de winkel van het toeristisch informatiepunt in de binnenstad.
- Bij snoep- en delicatessenzaken in het centrum.
- Bij cadeauwinkels in de zijstraten van de Langestraat.
- Op de markt, bij standhouders met zoetwaren.
Als cadeau
Voor wie op bezoek gaat of een gast uit een andere stad iets wil meegeven, is het een aardig cadeau, juist omdat het verhaal erbij hoort. Vertel er de weddenschap bij, want een zakje snoep zonder uitleg is gewoon een zakje snoep, en met het verhaal erbij is het een stukje stadsgeschiedenis dat je kunt opeten.
De kei zelf bezoeken
De echte kei ligt aan de rand van de binnenstad, bij de Stadsring op de hoek van de Arnhemsestraat. Het is een korte stop, want het is uiteindelijk een grote steen, maar het is wel de steen waar de stad naar is vernoemd. Tijdens de Keistadfeesten wordt het keitrekken nagespeeld met een optocht door het centrum.
De andere zoete kant van de stad
Amersfoort heeft naast de Keitjes een levendige bakkers- en banketscene, met zaken in de binnenstad en in de wijken. Op de markt op de Hof staan kramen met noten, zuidvruchten en zoetwaren. Voor wie iets zoekt dat verder gaat dan een zakje snoep, zijn de speciaalzaken in de zijstraten van de Langestraat het adres.
Streekproducten
Rond Amersfoort ligt agrarisch gebied, met de polders van Eemland aan de noordkant en de Gelderse Vallei aan de oostkant. Daar komen zuivel, kaas, eieren, honing en seizoensgroente vandaan, en die vind je op de markten en bij boerderijwinkels net buiten de stad. Op het Eemplein is er wekelijks een markt gericht op biologische en streekproducten.
Kopen bij een lokale zaak
Wat de binnenstad van Amersfoort onderscheidt van een winkelcentrum, zijn de zelfstandige zaken in de Krommestraat en de andere zijstraten. Daar zit de kennis en daar krijg je antwoord als je vraagt waar iets vandaan komt. Voor een cadeau met een verhaal is dat vrijwel altijd een betere route dan de bekende ketens in de hoofdstraat.
De Keistadfeesten
Eén keer per jaar wordt het verhaal achter de Keitjes nagespeeld. Tijdens de Keistadfeesten trekt een optocht met de kei door de binnenstad, met deelnemers in kostuum, en daar hoort de rest van het feest omheen, met muziek op de pleinen en een kermis. Voor kinderen is dat het moment waarop de steen, het snoepje en de bijnaam van de stad voor het eerst bij elkaar komen.
Andere lokale lekkernijen
Naast de Keitjes zijn er in de stad bakkers en banketbakkers met eigen specialiteiten, en er zijn zaken die chocolade maken. Op de markt op de Hof staan kramen met noten, zuidvruchten en zoetwaren, en op het Eemplein staat wekelijks een markt met biologische producten en streekwaren. Voor wie een pakketje wil samenstellen om mee te nemen, is dat in een uur te doen.


